Monthly Archives: mei 2012

Waar zouden we zijn zonder de … auto?

Vorige week ben ik de hele dag onderweg geweest naar Leeuwarden, per trein welteverstaan. Een lange rit voor een werkbezoek maar dankzij de smartphone heb je onderweg een klein mobiel kantoor, dus ik kon in de trein wat werk doen.

De trip was leerzaam en niet alleen op werkgebied. Het hield me weer eens een spiegel voor. Ik heb tenslotte járen geleden mijn rijbewijs gehaald. Met veel pijn, moeite en achteraf bezien behoorlijk wat desinteresse. Eenmaal het felbegeerde roze (toen nog) papiertje op zak, ben ik nooit veel verder gekomen dan een ritje naar mijn oma een aantal kilometer verder op. Ik herinner me het nog als de dag van gisteren. Mijn moeder zat naast mij en vond het maar wat spannend…lees ENG… om met deze kersverse automobilist in de auto te zitten. De motor sloeg af voor het stoplicht en achter mij stond een ronkende volkswagen met een broekie van 18 te loeren op zijn ‘toetermoment’. Natuurlijk had ik me van dit alles niets moeten aantrekken, maar het voelde als een bevestiging. Ik was onzeker achter het stuur en dit was het bewijs.

In totaal heb ik met mijn rijbewijs op zak hooguit 35 kilometer gereden. Eeuwig zonde vind ik nu, maar ja al die jaren daarvoor interesseerde het me nog steeds niets. Een typisch geval van: je weet niet wat je mist als je het niet hebt. De komst van kleine M. heeft echter wel het een en ander veranderd. Er staat inmiddels een auto voor de deur en sindsdien verzamel ik moed om aan de bestuurderskant in te stappen. Daarnaast zijn de onhandige situaties ook niet meer op een hand te tellen. Zo moest en zou ik een tram nemen om de aansluiting met de trein te halen, maar dit model bleek niet geschikt voor een kinderwagen. Ik trok me er niets van aan en kreeg met een beetje hulp de wagen horizontaal de tram in. Een donderpreek van een linke conductrice was mijn deel. Of ik wel helemaal lekker in mijn hoofd was en ze was toch zeker niet van plan om mij te helpen als het in mijn eentje niet lukte. Wat was de auto handig geweest op dat moment… Of die lift die niet werkt als je met je kinderwagen naar het bovenliggende spoor moet. Een immens hoge trap en op die vroege zondagochtend geen hulp in zicht. Wat doe je dan? Eerst het kind (toen nog te klein om te lopen) naar boven en dan het onderstel van de wagen of eerst de wagen en dan het kind? Beide keuzes niet geschikt voor publicatie in het handboek voor voorbeeldige ouders. Of het moment dat je zus in het holst van de nacht landt op Schiphol en je haar héél graag wilt ophalen. Hoe doe je dat zonder auto? Met een peperdure taxi? En dan? Zij met de taxi naar huis en jij ook? Of die trip naar Leeuwarden toen je goed voorbereid de deur uit ging met een reeds kaartje op zak, maar je in Hilversum op het strafbankje moet zitten vanwege te vroeg reizen met je kortingskaart.

Oke, ik geef toe: wat is een auto toch handig… en oh wat ben ik toch al die jaren dom geweest. De drempel is heel hoog maar de deur naar een (auto)mobiel leven staat op een kier. Nog even moed verzamelen en dan ga ik.

De eerste klap is een daalder waard

Kleine M. is een echt kat-uit-de-boom-kijkertje en hij moet duidelijk nog leren om voor zichzelf op te komen. Tijdens onze vakantie had hij een rode postauto gekregen. Een leuk ding maar helaas voor ons mét geluid. Het geluid bleek een magneet voor kleine kinderen. Op het vliegveld kwamen kinderen uit alle hoeken en gaten als ware het een lokroep. Ik vond het een perfect leermoment en vertelde Kleine M. dat hij moest samen spelen. Dus het lieve, kleine meisje met die mooie grote ogen mocht toch ook wel even met de auto? Haar poppengezichtje bleek een façade, want zo lief was ze helemaal niet. Ze rende er met de auto vandoor en was niet van plan het terug te geven. Ons schuchtere ventje rende achter haar aan, bleef op anderhalve meter afstand staan en rende vervolgens in blinde paniek naar mij. Het bleef niet bij de postauto, want het meisje deed ook een greep in zijn rugzak met speelgoed. Opnieuw vloog hij er achteraan, deinsde weer achteruit en kwam onverrichter zaken terug. Op dit soort momenten heb ik met hem te doen. Het is zo zielig dat hij zich het kaas van zijn brood laat eten, maar toch bemoei ik me er niet te veel mee in de hoop dat hij wat meer van zich afbijt.

Ik was dan ook zo trots als een pauw toen manlief me deze week sms’te vanuit de speeltuin. Van de een op de andere dag was onze Kleine M. omgeslagen als een blad aan een boom. Hij speelde temidden van andere, vreemde kinderen en probeerde zelfs even samen te spelen. Een geweldige stap naar peuterdom. Maar er was meer… Een jongetje vertoonde bezitterig gedrag en betichte hem van landje pik. Er werd wat heen en weer geduwd, maar M. liet zich niet verjagen. Nog trotser was ik, maar het hoogtepunt zou nog komen. De beoogde grootgrondbezitter gaf hem een klap, Kleine M. deinsde niet achteruit maar deed juist een stap naar voren en sloeg terug! Na het lezen van de sms betrapte ik mezelf op een glimlach van oor tot oor. Wat was ik hier graag bij geweest. Met eigen ogen had ik willen zien hoe hij voor zichzelf was opgekomen! Natuurlijk sprong papa meteen tussen beide en gaf ze een standje, maar M’s eerste klap was een daalder waard!

Slaan mag niet en natuurlijk nooit meer, maar voor deze keer was ik trots op de kleine vechtersbaas. Alle ouders hebben wensen voor hun kind: iets liever, beter luisteren of minder hysterisch. Voor nu is mijn belangrijkste wens uitgekomen: Kleine M. is klaar om peuter te worden.