Tag Archives: collega’s

Verbinding verbroken

Niet zo lang geleden omschreef iemand mij als een parkiet. Zo’n parkietje dat iemand meeneemt de mijn in, als een voorspeller van onraad. Zodra hij het loodje legt of wegvliegt, weet je dat jij je ook uit de voeten moet maken. De omschrijving raakte me, want het is spot on: mijn voelsprieten werken haarfijn en een emotioneel onveilige situatie zie ik vaak van ver aankomen. Het zorgt ervoor dat ik steeds makkelijker op situaties kan anticiperen en soms vooraf beslissingen kan bijsturen, zodat we vlak voor die emotionele klif piepend tot stilstand komen.

Ik merk alleen dat het tegenwoordig steeds moeilijker gaat. Met iedereen op afstand en continu een scherm tussen mij en de wereld, ben ik een parkietje met een veilig gasmasker. Op zich is deze corona-tijd met de geborgenheid van thuis voor een HSP (hoogsensitief persoon) zoals ik een zegen; de hoeveelheid prikkels is aanzienlijk minder en je hebt zelf veel meer controle over wat je wel en niet toelaat. Dat geeft rust en maakt dat ik in mijn hoofd meer ruimte heb dan ooit tevoren. Tegelijkertijd raak ik steeds meer de connectie kwijt. Door het leven via een scherm te beleven, mis ik de voorspellende prikkels. Zie het als een kat zonder snorharen of als een vleermuis zonder sonar. Situaties voel ik minder goed aan en langzaam maar zeker lijkt de verbinding soms verbroken.

Dat is op zich niet erg, want ik heb me nog nooit zo rustig gevoeld en het geeft me de ruimte om andere dingen te doen, zoals het voorzichtig schrijven aan een boek. Maar ben ik dat wel? Jawel, dat ben ik ook, alleen dan niet helemaal compleet. Dat parkietje maakt me wie ik ben, in mijn werk en als persoon. Dat parkietje zuigt misschien soms alle energie uit me, maar het maakt me ook sterk en hierdoor sta ik in contact met de wereld. Want ik wil zien hoe mensen erbij staan, ik wil hun mimiek in 3D kunnen zien, ik wil kunnen horen of ze gejaagd ademhalen en ik wil hun aanwezigheid én afwezigheid voelen. Zonder die voelsprieten krijg ik nooit de vinger achter mijn vermoedens.

Ik wil collega’s na een vergadering tegenkomen bij de koffieautomaat, caissières kunnen begroeten met een glimlach in plaats van een mondkapje en aan een omhelzing voelen hoe het echt met iemand gaat. Natuurlijk mist iedereen dit en verlangen we naar de dag dat dit allemaal wel weer mag, maar als parkiet kán ik niet zonder deze prikkels. Dat gasmasker moet af en die snorharen moeten worden gerepareerd. Ik wil doen waar ik goed in ben en wat door deze lockdown heel duidelijk is geworden: verbinding maken. Maar als ik die verbinder wil zijn dan moet ik eerst de verbroken verbinding in ere herstellen. Iets dat door de corona-maatregelen ingewikkeld is, maar niet onmogelijk. Dus moet ik op zoek naar andere manieren om in contact te komen, ook al betekent het misschien dat ik er schroom voor opzij moet zetten en hordes over moet. Zolang de verbinding verbroken is, ben ik niet compleet. Terug die mijn in, zonder gasmasker maar oké vooruit wel met een mondkapje :-)

In levenden lijve

“We hebben elkaar al een jaar niet in het echt gezien!” zegt een fijne collega als we elkaar ontmoeten. Het is een prachtige winterdag en we gaan samen wandelen om weer eens bij te praten. Met wat ze zegt, slaat ze de spijker op z’n kop. We zien elkaar regelmatig maar dan op een plat scherm. Dat scherm ontneemt je alle non-verbale communicatie en eerlijk gezegd ook de waardevolle privégesprekken.

Daar waar je in het pré-coronatijdperk je groen en geel kon ergeren aan vergaderingen die maar niet to the point kwamen, komen die in de digitale juist net iets te snel to the point. We hebben er bovendien ook zo vaak zoveel achter elkaar dat je al blij bent als je op tijd naar het volgende onderwerp hebt kunnen schakelen. Dus informeren naar iemands privé doe je niet zo snel en al helemaal niet omdat alle andere aanwezigen dan toeschouwer zijn van jullie gesprek.

Nu denk je misschien: dan bel je toch gewoon? Als je echt zo graag iemand persoonlijk wilt spreken dan bel je op. Dat zou inderdaad kunnen, maar zo’n gesprek is fijner als het spontaan ontstaat. En gelukkig had ik binnen een week twee keer de kans om een collega in levenden lijve te zien! Zo ontzettend fijn, want wist je dat als iemand lacht, niet alleen mondhoeken omhoog gaan en ogen gaan glinsteren? Er gebeurt iets veel groters en er komt energie vrij die de vrolijkheid bij anderen weer aanwakkert. Zo’n stralende persoonlijkheid dringt niet door een plat scherm heen.

En dan hebben we het nog helemaal niet over collega’s die afscheid nemen. Het is onwijs lief dat iedereen bij elkaar komt, mooie afscheidswoorden heeft en het zichtbaar jammer vindt dat die collega weggaat, maar waar moet je met je emoties heen? Huilen in zo’n plat vierkantje voelt heel ongemakkelijk weet ik uit ervaring. Alsof je opeens de nieuwslezer bent waar heel Nederland naar kijkt. Afscheid nemen via een scherm is gewoonweg niet leuk, het doet niemand recht hoe hard je dat ook probeert en als je de meeting afsluit dan gaat het scherm letterlijk op zwart. Bedankt en tot ziens!

Wat zou het heerlijk zijn om elkaar weer te omhelzen bij een afscheid, elkaar op de schouder te slaan bij een goeie grap of elkaar met een glimlach te begroeten in plaats van eerst je digitale hand op te moeten steken als je iets wilt zeggen. Ik weet dat er ergere dingen zijn en dat er mensen zijn die helemaal niet kunnen werken. Maar als je in korte tijd twee collega’s ‘in het wild’ hebt gezien dan besef je weer even wat je mist en waarom offline samenwerken je werk zoveel leuker maakt. Ik krijg zo langzamerhand heimwee naar zo’n tenenkrommende, doelloze vergadering of noemen we dat in het vervolg: het sociale uurtje?

Honderd procent beter

Honderd procent beter! Hoera! Na bijna een halfjaar opgebrand te zijn, meldde ik me in mei weer beter. Langzaam had ik in die maanden ervoor het werk opgebouwd, keuzes gemaakt en vertrouwen teruggekregen. Tijd om weer volledig aan het werk te gaan. Dankzij Corona die ons nog aan huis gekluisterd hield, voelde het werken veilig. Ik hoefde het grote kantoor niet te betreden en kon me thuis verstoppen achter mijn laptop.

Verder lezen…

Het mooiste kerstpakket ooit

“Wacht even, deze doos is ook nog voor u.” De postbode hield me tegen toen ik weg wilde lopen. Verbouwereerd keek ik hem aan, hoezo was dit pakket voor mij? Ik verwachtte tenslotte niets. Het was een enorme verhuisdoos met als afzender ‘de kerstman’. Ik barstte in lachen uit en bedankte de postbode hartelijk. Mijn enthousiasme werkte aanstekelijk en de man draaide zich lachend om. “Voorzichtig op de trap hoor, want de doos is zwaar” riep hij me nog na. Verder lezen…

De wereld op je schouders


“Jij bent net Atlas” zei een collega tegen mij. “Jij draagt het leed van de wereld op je schouders, maar die last kun jij helemaal niet dragen.” Zijn woorden echoden nog dagen na in mijn hoofd, want oh wat sloeg hij de spijker op zijn kop.

Niet eerder schreef ik over mijn werk en die keuze is heel bewust. Werk is werk en daar hoort Sjors Twijfelt niet bij. Totdat werk ook in huis blijft hangen en het hoofdzaak wordt op momenten dat het bijzaak zou moeten zijn. Dus daarom toch een Twijfel over werk.
Lees verder!

Van Manke Nelis naar een dartelend veulen

Reading The Minutes

En daar stond ik dan, met mijn mond vol tanden en een brein dat continu ratelde. “Wat vraagt ze nou precies? Snap ik het niet of legt hij het gewoon slecht uit? Zie je wel, ik ben hier niet geschikt voor! Oh dit hád ik toch moeten weten!” Vanwege mijn expertise werd ik gevraagd om aan te sluiten bij een overleg en er werd verwacht dat ik zinnige dingen zou zeggen. Alleen in tegenstelling tot slimme opmerkingen ontaarde mijn antwoord in een onsamenhangend verhaal, waarvan ik me achteraf niet meer kon herinneren wat ik allemaal had gezegd.
Lees verder!

Zo heb je niks, zo heb je alles

De afgelopen zomermaanden stonden in het teken van onzekerheid. Bedrijf ontbonden, baan kwijt, zorgen om huis, hypotheek en thuis. Er bestond een gerede kans dat ik met ‘het product’ mee kon naar de nieuwe stichting maar dit was lang, veel te lang onduidelijk. En in dit soort situaties ben ik niet iemand die een afwachtende houding aanneemt, dus besloot ik toch op zoek te gaan naar een alternatief. Eerlijk gezegd had ik daar weinig zin in want ik had het zo naar mijn zin, zulke fijne collega’s en echt plezier in mijn werk. Die luxe van achterover leunen mocht ik mezelf niet permitteren want als het mis zou lopen dan had ik niets en kon ik thuis achter de geraniums plaatsnemen en vanuit daar uitkijken naar een nieuwe baan. Een reeks van teleurstellende pogingen volgden en net toen ik de handdoek in de ring wilde gooien kwam er een hele leuke baan voorbij. Een functie waar ik nog niet eerder naar had gekeken maar waarom eigenlijk niet? Het was me op het lijf geschreven! Met een CV als de mijne, een lappendeken van taken, vind je niet eenvoudig iets dat je zo past. Dit moest het dus worden en ik was van plan mijn uiterste best te doen. De organisatie is gerenommeerd dus ik verwachtte er niet teveel van. Honderden anderen zouden met mij solliciteren. Ondertussen stond ook de brief naar het mogelijke vervolg van mijn oude baan nog open. Dus ik had twee ijzers in het vuur. Een paar weken later werd ik gebeld, ik mocht op gesprek komen! Dit was mijn kans. Het gesprek verliep goed en het leek me nog steeds geweldig om daar te mogen werken.
Alles liep op dat moment naast en door elkaar, terwijl ik wachtte op uitsluitsel kreeg ik te horen dat ik mijn oude baan mocht voortzetten bij de nieuwe organisatie. Goed nieuws natuurlijk, ik had eindelijk de zekerheid waar ik zolang op had gewacht. Maar ja wat nu?

goodbyeOndertussen brak de laatste week aan, het werk hield op en van collega’s moest afscheid worden genomen. Sommige collega’s hadden inmiddels een nieuwe baan gevonden en anderen werkten door alsof het einde nog lang niet in zicht was. Het schip was zinkende maar evenementen en andere taken liepen gewoon door. Een idiote situatie die ik niemand toewens. We bereikten ploeterend de laatste week, de afscheidsweek. Een bonte avond met geweldige collega’s van ‘de tweede’. Een musical waarin iedereen op eigen hilarische wijze in het zonnetje werd gezet. Van Single ladies via short people naar one love. Het heeft geen zin om het uitvoeriger te vertellen want het is een typisch geval van: daar had je bij moeten zijn. Maar een ding is zeker: je hebt iets gemist!

Jarenlang hadden de organisaties nauw samengewerkt, samen geluncht, geborreld en lief en leed gedeeld. Een familie die na 1 oktober uit elkaar zou vallen. Een treurige wetenschap maar die avond was de familie nog een keer samen. One happy family – one love. Oké ik zal stoppen met het zoetsappige verhaal maar wat hebben we met z’n allen gelachen.
De dag na de bonte avond volgde een rustige avond met een heerlijk afscheidsdiner en genoeg tijd om met iedereen nog eens na te praten. Over wat ooit was en wat nu ging komen. Een mooie avond met elkaar.
Na al die momenten van afscheidnemen was het voor sommigen gewoon weer vrijdagochtend: tijd om te werken. Ik had mijn oude baan weer terug en pakte die ochtend met weemoed de verhuisdozen uit. Het voelde zoals ik me vroeger na de vakantie voelde: heimwee naar mooie tijden met de wetenschap dat het nooit meer terug zou komen. Maar het was ook goed zo, tijd om door te gaan. Uitpakken, mouwen opstropen en niet zeuren. Moe en treurig kwam ik die middag thuis, eindelijk weekend, tijd om het hoofd leeg te maken en de blik weer te verruimen. Heel veel tijd om dit te doen kreeg ik echter niet… Ik werd gebeld door de andere werkgever: ‘het heeft even geduurd maar op de valreep voor het weekend wil ik je toch even feliciteren, we willen je graag hebben. Wanneer kun je beginnen?’
….SORRY? Ik moet geloof ik even gaan zitten…

De grootste twijfel aangepakt?

“Heb je straks even 10 minuten?” Ik vraag mijn baas met knikkende knieën en een misselijk gevoel van zenuwen, want ik moet hem iets vertellen. Al langere tijd ben ik er mee bezig, maar sinds twee weken heeft het serieuze vormen aangenomen. Het was wikken en wegen; een echte Sjors Twijfelt dus. En gisteren was het moment daar: de laatste twijfel werd weggenomen en de weg lag open. Een opluchting? Bijna…ik moest het nog vertellen.

Vanmorgen was daar dan het moment van de waarheid: na tien jaar (in wisselende samenstelling) trouwe dienst heb ik mijn baan opgezegd. Maar ja, hoe breng je dat? De avond ervoor had ik me daar aardig het hoofd over gebroken: “Ik moet je iets vertellen, ik ga (bij je) weg” Nee, dat klinkt teveel als een echtscheiding. “Ik dien hierbij mijn ontslag in” klinkt veel te formeel. “Sorry, maar ik stop ermee”. Niks geen sorry want het is toch juist leuk (voor mij)! Uiteindelijk weet ik niet eens meer wat ik heb gezegd want ik was te nerveus. De timing om op te zeggen is namelijk ronduit slecht, dus ik verwachtte het ergste. Boos, teleurgesteld, woest omdat ik op een cruciaal moment vertrek. Ieder denkbaar scenario had ik de revue laten passeren en ik was overal op voorbereid. Ieder denkbaar negatief scenario welteverstaan. Tot mijn verbazing reageerde hij echter heel positief, maar daar had ik helemaal geen rekening meegehouden! Het werd een prettig gesprek en ik kon bijna echt blij zijn met mijn nieuwe baan.

Eén horde genomen…. Nu de rest nog. Tijdens onze wekelijkse vergadering kondigde ik het aan. Ook zij reageerden positief. Fijn!
Bijna… de zwaarste hindernis kwam nu. Mijn fijne collega J. Hij wist nog van niets en was niet aangeschoven bij het overleg. Hier zag ik als een berg tegenop. Al 5 jaar werken we nauw samen en we zijn vrienden geworden. Ik wachtte tot hij achter zijn bureau zat en vroeg hem of hij even naar me wilde luisteren. In gebaren (hij is doof) legde ik hem uit dat ik een andere baan had gevonden. Verschrikt keek hij me aan. Hij begreep me niet helemaal, want dit was het laatste wat hij verwachtte. Daar waar ik zo tegenop had gezien gebeurde… Ik kon mijn tranen niet bedwingen en zei niets anders dan “sorry, sorry sorry”.

Hoe vastbesloten ik ook ben, opeens zag ik vandaag weer waarom ik daar 10 jaar lang toch met plezier heb gewerkt. Van je collega’s moet je het echt hebben. En juist op zo’n dag weet je ook weer wat of in dit geval wie je mist. Mijn lieve vriendinnetje en collega M. was er niet vandaag. Ziek thuis, voor haar heel vervelend en vandaag voor mij een groot gemis. Aan een blik hebben we altijd genoeg, maar vandaag moest het op afstand.

Nu de dag erop zit, het ei gelegd is en iedereen het weet kan ik eindelijk echt blij zijn met deze nieuwe stap. Mijn grootste twijfel heb ik aangepakt. Dit varkentje heb ik gewassen!
Blij ben ik met de nieuwe stap, maar de tranen biggelen over mijn wangen. Ik neem alvast een klein beetje afscheid van tien jaar….het einde van een tijdperk.