Category Archives: Familie twijfel

Oom Theo en zijn neven


Sjors wilde weer luchtige en alledaagse twijfels maar voordat ik dat kan, moet me eerst nog iets van het hart.
Twee weken geleden overleed Theo, de jongste broer van mijn vader. De twaalfde schakel in het grote gezin, zoals zijn broers en zussen hem liefdevol noemden.

De twaalfde man was duidelijk niet geboren met een gouden lepel in zijn mond. Zijn leven kende vele tegenslagen waardoor het hem nooit eens een keer meezat. Tot de laatste maanden, hij had eindelijk een vast contract en zijn geldzorgen hadden een eindstreep in het vizier. De zon begon weer te schijnen maar hij was moe, zó moe. Zijn vermoeidheid bleek een duidelijke, vernietigende oorzaak te hebben: uitgezaaide leverkanker en er kon niets meer voor hem worden gedaan.
Lees verder!

En wat nu?


Sjors was even uit de lucht, net als al eerder in 2016. Dit jaar loopt het leven even niet op rolletjes. En zonder rolletjes blijkt er weinig Sjors te zijn terwijl er juist twijfel genoeg is.

Het leven was fijn, het kabbelde rustig in het gezelschap van lieve familie en fijne vrienden. Totdat we er aan gingen morrelen. Want iedereen vraagt zich weleens af: is dit het nou? Kunnen we niet meer, beter, anders? Tenslotte zijn kabbelende beekjes net zoiets als achter de geraniums zitten, dat kan altijd nog!
Lees verder!

Zeker geen mooi-weer-verhaal

sprong in het diepeLang hadden we er over getwijfeld, nog langer wilden we er eigenlijk niets van weten en maar kort hadden we er strijd om gehad. Zullen we ons gezin uitbreiden met nog een klein mopje of is het goed zoals het nu is? Ondanks alle reserves die we hadden, besloten we toch nog een keer in het diepe te springen. Met heldere afspraken, dat wel. Een soort duidelijk afgebakend “we zien wel waar het schip strandt en het is niet erg als het niet lukt”. Maar wat doe je als het schip strandt terwijl je de haven, als stip aan de horizon, steeds dichterbij ziet komen? Dan stort je wereld echt wel even in, terwijl we zo schijnbaar luchtig aan dit avontuur waren begonnen.
Lees verder!

Leren waarderen: Onder-je-kussen-kaartjes


Je waardering uitspreken of iemand een compliment maken, hoe vaak doe jij dat eigenlijk? Op de oppervlakkige complimenten over uiterlijkheden na, komt een mens er doorgaans bekaaid af.

In mijn vijfjarige carrière als opvoeder is het mij vaak opgevallen dat ik een soort bitterzoete moeder ben. Ik kan best goed complimenteren, je kunt met me lachen, ik verzin de meest gekke dingen, ik ben serieus als het moet en ondernemend daar waar kan. Maar ondertussen heb ik op een mindere dag ook best een kort lontje en leg ik op meer slakken zout dan nodig is. Tijd dus om daar iets mee te doen, want bitter-zoet of haat-liefde zijn tegenstrijdigheden waarbij het zoete het onderspit delft en de bitterheid te veel aandacht krijgt. Dus probeer ik tot tien te tellen, nu eens een keer niet te ontvlammen maar vooral ook bewuster te waarderen.
Lees verder!

2015: verhalen recht uit het hart


Het jaar is bijna voorbij en de lijstjes met hits en missers vliegen je om de oren. Nou ben ik niet vies van een paar statistieken, dus heb ik even naar mijn meest en minst gelezen blogs gekeken. En wat valt op? Een, voor mij, bijzondere bijdrage heeft de top vijf niet gehaald, terwijl ik overtuigd was van de kracht van dit blog. Mijn liefde voor mijn lief was de hit van 2015 en logisch ook want het kwam recht uit mijn hart. Toen ik het schreef stroomden de tranen over mijn wangen. Tranen van geluk door het besef hoe goed wij het samen eigenlijk hebben. Maar mijn blog over de zoektocht naar moederliefde bezorgde mij ook tranen. Andere tranen welteverstaan, tranen van verslagenheid. En toch haalde deze de top vijf van beste gelezen blogs niet.
Lees verder!

Meer dan alleen een smakelijke kerstdis

christmas tree

Sjors Twijfelt maakt zich op voor de altijd smakelijke kerstdis.
Of is het meer dan dat? Het is zonder twijfel veel meer dan dat!

Achter de kitscherigheid van de kerstboom en de glinstering van de kerstverlichting gaat vooral warmte schuil. Sjors’ kerstmis staat voor verbroedering, verbinding en hartverwarmende herinneringen.

Geniet van elkaar, denk aan elkaar en rijk een warme, helpende hand uit aan zij die het nodig hebben!

Fijne kerst allemaal!

Een tuin voor mijn verjaardag

skd273191sdc

“Mama voor mijn verjaardag wil ik een tuin!”
“Mama kan ik aan Sinterklaas misschien ook een tuin vragen?”
Onze lieve M. is een buitenkind. Wind, regen, sneeuw of tropische temperaturen, hij wordt er niet warm of koud van. Buiten is hij vrij en buiten is hij in zijn element.
Lees verder!

Tien jaar – een ode aan mijn lief

Vorige week feliciteerde ik mijn ouders met hun 40+ huwelijksdag. “Daar hoef je niets voor te doen hoor, gewoon blijven ademhalen”, zeiden ze afzonderlijk van elkaar.
Is dat zo? Gaat het na al die jaren zo vanzelf?

Foto: John Hollenberg

Foto: John Hollenberg

Nu een week later ontvangen ik en mijn lief felicitaties voor ons tienjarig huwelijk en ik betrap me er op dat ik dezelfde gedachten heb als mijn ouders. In ons geval gaat het ook vanzelf. Meestal dan…

Lees verder!

Wie niet sterk is…

gymclassMet regelmaat verbaas ik me over de hoge verwachtingen die we van kinderen hebben en dan heb ik het nog niet eens over de druk die wij ze als ouders zelf opleggen. Alleen het goed functioneren in de klas vergt al veel van zo’n kleine kleuter. Ik zal een paar huis-tuin-en-keuken voorbeelden geven, dan snap je meteen wat ik bedoel.

Als beginnende kleuter wordt er van je verwacht dat je zelfstandig naar het toilet kunt. Dit houdt in dat je ook je billen moet kunnen afvegen. Zover zijn we met M. nog niet maar daarvoor heeft hij zelf een oplossing bedacht: grote boodschappen worden alleen thuis gedaan. Oke excuses, ik zal een iets frisser voorbeeld geven.

Lees verder!

Kerst in joggingbroek?

christmas againHet einde van het jaar nadert en huize Sjors Twijfelt komt langzaam bij, na de stuiterbalweken op school. M. is uitgeteld en ligt in een diepe slaap naast me. Het is half 3 op dinsdagmiddag. Ik had me in deze drukke dagen voor kerst veel nuttiger kunnen maken, maar in plaats daarvan geniet ik van dit moment. Rennen en vliegen doen we straks wel weer en dan een versnelling hoger zodat het allemaal net op tijd klaar is.

Lees verder!

Dokter, wat mankeer ik?

Op een prachtige doordeweekse herfstdag zat ik op een bankje in het park uit te hijgen als een hoogbejaarde vrouw. Ik was onderweg naar de huisarts in de hoop tijdens een goed gesprek antwoord te krijgen op de eenvoudige vraag: “dokter, wat mankeer ik?”
Voor het weekend was ik langsgekomen met klachten over aanhoudende benauwdheid. Tegen al mijn positieve verwachtingen in werd ik niet weggestuurd met een kluitje in het welbekende riet, maar gingen daarentegen alle alarmbellen af. Of ik nog even wilde sprinten naar het ziekenhuis om bloed te laten prikken (vrijdagmiddag vier uur). Het kon nog net want ze sluiten om half vijf, zei de aardige huisarts in opleiding. “Ja mevrouw, uw hartslag is 110 per minuut en dat is niet goed en voor het weekend krijgt u een paar onschuldige bètablokkers mee. Vermoedelijk is het uw schildklier die te snel werkt.” Huh? Schildklier? Ik dacht dat dat ding bij te goed of te slecht functioneren je dikker of juist dunner maakt, maar dat je hart er ook van op hol kon slaan was mij onbekend. Bloedprikken met een razend hart en gierende stress is niet echt te adviseren. Zo’n bètablokker overigens ook niet… Alhoewel…ik had een vreemdsoortige high van puddingbenen, een dubbele tong en totale rust. Soms best een lekkere staat van zijn misschien.

dokter_wat_mankeer_ikDe rust was op maandag snel verdwenen toen die lieve huisarts in opleiding me vertelde dat het toch echt mijn schildklier niet kon zijn. NIET?? Maar…wat dan? Had ik dan net als sommige familieleden op jonge leeftijd al hartklachten?

Ze maakte een afspraak met een cardioloog voor een paar dagen later. De meters op mijn stressdashboard sloegen echter uit hun meterkastjes en de uren daarna had ik het letterlijk Spaans benauwd. In mijn hoofd zat niets tussen kerngezond en ‘morgen leg ik het loodje’. De afleiding door wat thuis te werken hielp niets en na een paar uur zat ik als een hijgend hert weer bij de huisarts in de spreekkamer. Het kon zo niet langer en na weer eens een overleg met de opperhuisarts werd ik doorgestuurd naar de eerste hulp voor cardiologie.

En daar lag ik dan…een jonge blom tussen een paar oude rochelende mannen. Hartmonitoren piepten alsof het een lieve lust was en bloeddrukmeters knepen met gepaste regelmaat de armen van patiënten fijn. De verpleging had het razend druk en zonder mijn verwijsbrief te lezen of mij iets te vragen werd ik beplakt met een dozijn stickers met bijbehorende draden. Ik kreeg ook zo’n monitor, bloeddrukmeter en een ding aan linker mijn vinger dat nog weer iets anders controleerde. Een zuster verbeterde ondertussen aan mijn rechterarm haar snelheidsrecord infuus aanleggen c.q.. bloedprikken. Wat een geoliede machine, wauw. Eenmaal vastgesnoerd en onder streng toezicht werd me het hemd van het angstige lijf gevraagd. De familiaire hart- en vaatziekten zorgden weer voor de trigger. Deze mevrouw moest goed in de gaten worden gehouden.
Uiteindelijk bleek er met mijn hart en longen niets aan de hand. Wel had ik wat verhoging… Misschien toch gewoon een virus zei de cardioloog. Opgelucht maar met een nieuw groot vraagteken deinend boven mijn hoofd, ging ik naar huis. Wat kon het nou toch zijn? Stress toch zeker niet, want ik zit me juist zo goed in mijn vel de laatste tijd. Pfeiffer? Nee, dat kon ik ook afvinken.

De huisarts dan toch nog maar eens vragen. Dit keer mocht ik bij de opperdokter op bezoek. Een prettig idee, dat scheelde weer onnodig overleg en hij zou nog wel eens hét antwoord kunnen hebben. Na de ingelaste noodstop op het bankje ging ik er piepend van benauwdheid maar overlopend van goede hoop naar toe. Hij sprak minutenlang onophoudelijk zonder mij een keer te vragen hoe het met me ging. En na die monoloog en zijn constatering dat hij wel heel lang aan een stuk had gepraat, kwam hij tot dit prachtige slotakkoord: “tja mevrouw, mensen worden ook wel eens wakker met onverklaarbare pijn aan hun been. Iedereen wil altijd zo graag een verklaring hebben, maar soms is die er gewoon niet.” En bedankt, we zijn van rinkelende alarmbellen, via een griepvirus, uitgekomen op…niets. Het is dus niets. Ja ja, maak dat de kat wijs!

Ps. ondertussen zijn we een week verder en gaat het al weer heel veel beter,  maar nog steeds geloof ik niet dat hij gelijk had!

Kleutervriendschap en kalverliefde

En daar zat kleine M. opeens stuiterend aan tafel te vertellen over zijn nieuwe beste vriendin Z. Als een verliefde puber vertelde mijn vierjarige over hoe goed Z. kon fietsen, over dat ze samen morgen de hele dag zouden gaan spelen (binnen én buiten!) en dat hij haar de volgende dag zou vertellen dat ze beste vrienden zijn. Het eerste thema op school was overduidelijk ‘vriendschap’. Mooi om een schooljaar mee te beginnen en voor een groentje als M. goed om te leren wat een vriend nou eigenlijk is.

schoolDeze nieuw opgedane kennis bracht echter voor het thuisfront ook een keerzijde met zich mee. Tot de dag dat Z. in beeld kwam, stond ik als moeder namelijk op een voetstuk. Hij vertelde in het weekend dat hij met mij zou trouwen, maar op maandag trouwde hij opeens niet langer met mij maar met haar! Keihard werd ik aan de kant gezet, want “mama, trouwen is toch spelen?” Harteloos bleef hij zijn nieuwe liefde ophemelen terwijl bij elk compliment mijn hart meer en meer verbrijzelde. Na vier jaar moet ik het veld al ruimen voor een leuker, jonger exemplaar. En ik maar denken dat jongens pas in de pubertijd afstand van hun moeder nemen. School leuk? Nou voor moederharten vooral een harde leerschool.

Nee hoor, ik voel me natuurlijk niet echt gepasseerd, maar moet wel erg wennen aan hoe snel hij veranderd. Wij verwachtten maandenlange drama’s want zo was het tot op de laatste dag van de crèche tenslotte ook geweest. Dus hebben we hem in de zomer langzaam en heel bewust voorbereid op het naar school gaan. In dat proces zijn we echter vergeten onszelf voor te bereiden op een mogelijk positief resultaat. Want dat het bijna probleemloos zou verlopen, hadden we niet als optie in ons zorgvuldig uitgestippelde plan opgenomen.
Volgens de juf gaat het goed, al is het moeilijk om haar op haar blauwe ogen te geloven. Het zal echter wel moeten want zelf laat hij bijna niets los. Het gebrek aan informatie en communicatie vanuit M. schijnt er echter bij te horen. “Leg je er bij neer”, luidt het advies van iedereen. Goede raad, maar als je verwacht dat jouw oogappel het zwaar krijgt, dan hoor je het liefst een gedetailleerd verslag van de schooldag.

Is er dan niets leuks voor moeders? Natuurlijk wel!
M. blijkt zijn eigen koers te varen. Doet niets waar hij geen zin in heeft, past zich niet aan om anderen te behagen, maar krijgt door zijn oprechte gedrag wel het vertrouwen van iedereen.
Het muurbloempje van de crèche zal nooit haantje de voorste worden of the leader of the pack maar als hij door zichzelf te zijn toch zijn eigen plek verwerft in de klas dan ben ik een trotse moeder! En sinds hij zijn eerste hart heeft veroverd, vertelt hij opeens honderduit. M. heeft vaste grond onder zijn voeten gekregen en ontdekt langzaam dat hij gezien wordt. Het is een bijzonder proces om van dichtbij mee te maken. Ook al weet je als moeder dat er nog vele hordes komen, vele liefdes zullen volgen en meerdere vriendschappen zullen sneuvelen; de eerste stap als individu heeft hij gezet. Mijn kleine M. staat op de kaart. Al hoop ik natuurlijk nog steeds dat hij later met mij gaat trouwen!

De eerste schooldag… geen weg meer terug

Weken van geestelijke voorbereiding zijn er aan vooraf gegaan, maar hoe je ook probeert die drempel blijft torenhoog. De eerste schooldag vind ik een mijlpaal met een treurige ondertoon.
Natuurlijk kan ik alleen voor mezelf spreken maar ik vind het maar niks. Ik had Kleine M. nog zo graag klein gehouden. Bijna vier jaar dan zijn ze op hun leukst. Ze hebben humor, zijn gevat, je kunt een gesprek met ze voeren, je hebt vaker je handen vrij en ze zijn zindelijk. En al dat harde werk en al die deksels op je neus worden beloond met een mijlpaal: school. Noem dat maar een mijlpaal!

Nee ik ben natuurlijk niet serieus. Het is belangrijk dat een kind naar school gaat, leert, ziet, beleeft en onderneemt om een zo’n compleet mogelijk mens te worden. Maar afscheid nemen is moeilijk.

first_day_of_schoolVanmorgen was er geen weg meer terug. Zijn nieuwe rugzak gepakt met een banaan en een pakje drinken. Handige schoenen met klittenband aan en een zo goed gemutst humeur als mogelijk op zak. Kleine M. had nog niet gezegd dat hij liever thuis wilde blijven, dus dat was al een kleine overwinning op zich. Eenmaal buiten begon het net te hozen. Niet een paar spetters, nee alle sluizen gingen open. Geen tijd dus om te treuren op de fiets, maar alle zeilen bij en gaan! Kleine M. spoorde de wolken aan om te stoppen met regenen en ik schakelde mijn versnelling een tandje bij. De goede eerste indruk kon ik nu wel vergeten. Als verzopen katten kwamen we de school binnen. Haar als een badmuts om ons hoofd, M.’s bril beslagen en soppend in onze schoenen. Ook goedemorgen! Misschien geen stralende maar we hebben in ieder geval wel een onuitwisbare indruk achtergelaten.

M. liep schoorvoetend door de klas om stilletjes alles in zich op te nemen. Een grote én een kleine bouw hoek, allerhande puzzels, een zandtafel én een keukentje! Ergens achter zijn bedrukte gezicht gloorde nieuwsgierigheid. Het tweede goede teken van de dag.

Hij heeft geen woord gezegd maar door zijn verlegen gedrag (en natuurlijk zijn onmetelijke knapheid), wierpen de meisjes zich al op als kleine moeders. Van top tot teen werd hij bekeken, daar waar ze het andere nieuwe jongetje (een iets te stoere bink) geen blik gunden. Ik zie hier een pluspunt… mocht iets niet lukken: vraag de mini-mama’s. En met de meisjes aan jouw zijde kun je heel ver komen!

Eenmaal thuis leek hij het gesprek over school vakkundig te mijden, al hoorde ik uit zijn kamer vanmiddag opeens een bekend deuntje: “mie ma moetsie, fie fa foetsie…” De extended version van ‘Smakelijk Eten’ was goed blijven hangen.
Dat bleek het laatste goede teken van de dag, want voor het slapen gaan zei M.: “mama, morgen blijf ik liever thuis”. Er volgde een reeks van lukrake redenen om zich uiteindelijk te schikken in zijn lot: morgen moet ik wéér. Lieve M. welkom in de rest van je leven… Geloof me het wordt echt leuk!

Een Griekse bouwput

Daar stond manlief met de wc bril in zijn hand… We waren net aangekomen in ons vakantiehuisje in Griekenland en binnen in het huisje zag het er klaar uit. Binnen was de wc bril het enige incident, maar buiten was het een bouwput.

Bij aankomst maakte de eigenaresse een bijna verloren indruk. Logisch bleek achteraf, toen ze ons met tranen in de ogen vertelde dat we de eerste officiële gasten waren. Maandenlang hadden zij en haar man hun schamele spaarcenten gebruikt om drie vakantiewoningen uit de Griekse grond te stampen. Maanden van onzekerheid waar de overheid maar niet over de brug kwam met de vergunning en nu brak het toeristenseizoen al aan. Ze moesten starten zonder vergunning én zonder zwembad. Want ook een vergunning voor het zwembad had veel te lang op zich laten wachten. Goody, de lieve vrouw des huizes had meteen mijn hart gestolen. Als je in tijden van crisis en corrupte overheid wilt zorgen voor een eigen appeltje voor de dorst, dan verdien je een eerlijke kans. Ondertussen krioelde het van de bouwvakkers die zich 7 dagen in de week in het zweet werkten om alles z.s.m. af te maken. Het leek wel of we in het TROS programma ‘Ik vertrek’ terecht waren gekomen. Een vriendelijke glimlach en een oprecht verhaal zorgden ervoor dat we niet op onze strepen gingen staan. Echter… Er was nog een derde vakantieganger mee: kleine M. En hij bleek niet gevoelig voor dat eerlijke verhaal.

M_zwembadHij had zich zo verheugd op zijn droomvakantie: een zwembad binnen handbereik en het strand op loopafstand. (Bijna) alles wat hij leuk vindt vlak bij elkaar en dat niet één dag maar wel 15 hele dagen! Dat vooruitzicht deed hem stuiteren van blijdschap. Die euforische stemming smolt als sneeuw voor de zon toen hij uit de auto klom. Hij zag alleen maar bouwvakkers. ‘Mama, waar is het zwembad?’ Helaas konden we hem niet een zwembad maar een bouwput laten zien. Een betonnen bak dat alleen de contouren van een zwembad had. Ik kreeg een brok in mijn keel bij het zien van zijn intens teleurgestelde gezicht. Elke ochtend als hij wakker werd, wilde hij direct naar het zwembad om te kijken of het al klaar was. Dat er tijdens zijn slaap niet verder was gewerkt leek hij niet te beseffen. En waarom ook niet? Want als je zo graag iets wilt, dan doet toch iedereen alles om jouw kinderdroom te realiseren? Helaas zou het nog een volle week duren voor het zwembad gereed was. Maar toen het water er eenmaal in zat, was Kleine M. zo blij alsof Sinterklaas spontaan was langsgekomen met een felbegeerd cadeau. Dat M. elke ochtend zich had vastgeklampt aan het hek en met een bedroefd gezicht naar die lege bak had gestaard, had indruk gemaakt op iedereen. Zowel de huiseigenaren als alle mannen die er dagelijks werkten, vonden het zo verdrietig voor de kleine man dat ze graag wilden dat we nog een week bleven. Op hun kosten. Hoe lief was dat?! Helaas konden we niet op hun aanbod ingaan omdat de werkplicht na twee weken riep, maar we hebben ze allemaal wel in ons hart gesloten.

En kleine M? Die heeft niet alleen de vakantie van zijn leven gehad, maar ook nog een wijze les geleerd. Overal waar hij nu iets ziet dat kapot is of waar hij vindt dat een aanpassing nodig is, vraagt hij of we de werkmannen even kunnen vragen. Van een kapotte trein tot een slordig aangelegde stoep. Werkmannen kunnen alles, zij maken dromen waar! Ben je nieuwsgierig? Ga naar de Peleponnesos in Griekenland en laat je verrassen door de vriendelijkheid van de mensen, de prachtige natuur en de eeuwenoude Griekse geschiedenis want Sparta en de eerste Olympische atletiekbaan in Olympia vind je op een uurtje rijden. En natuurlijk logeren bij Goody!

Peutergym: een opvoedkundige uitdaging

In alle vroegte staan wij op zaterdagochtend tegenwoordig in een gymzaal. Gymles speciaal voor peuters (en hun ouders). Een uur apenkooien en ondertussen kijken wat je kunt en leuk vindt. Je zou denken: een uurtje ontspanning. Nou dan heb je het mis! Ten eerste moeten ouders net zo fanatiek meedoen met voetballen en staarttikkertje. Tijdens het zwaaien aan de ringen en maken van koprollen worden we buiten schot gehouden. Tenzij je een kind hebt dat in alle toonaarden weigert aan de ringen te hangen of aan het touw te slingeren.

Noel Baker gymnasium Hij stort kermend ter aarde en roept: ik wihil dit niehiehiet! Ik probeer hem op alle mogelijke manieren te bewegen om toch even aan de ringen te hangen, maar zonder veel succes. De meeste andere kinderen zwieren er lustig op los, dus als ouder voel ik toch een lichte groepsdruk om mijn kind gemotiveerd te krijgen. En ook al weet ik dat dit niet het gewenste effect zal hebben, ik ben van mening dat je alles een keer moet proberen. 

Dit is de eerste opvoedkundige uitdaging van de zaterdag: op een positieve manier proberen je kind over de drempel te helpen en zijn grenzen te verleggen.
Naast het motiverende aspect van de ochtend is daar ook nog zoiets als ‘de andere ouders’. Terwijl wij Kleine M. uitleggen dat je netjes op je beurt moet wachten, laten sommige ouders hun opvoedkundige taak bij binnenkomst los en stormen kinderen de rij voorbij om als eerste op de trampoline te springen. ‘Concentreer je alleen op jezelf’ is ons motto en laat je niet van de wijs brengen. Maar hoe lastig is dat als andere kinderen wel mogen doen waar ze zin in hebben? M. houdt zich dapper staande en leert elke les beter op zijn beurt te wachten.

Ben ik dan echt de braafste moeder van de klas? Ben ik de enige die vind dat kinderen, hoe jong ook, moeten leren dat ze niet altijd als eerste aan de beurt zijn en niet altijd hun zin kunnen krijgen? Misschien ben ik té streng?

Elke week verbaas ik me weer over de ouders die hun kroost overal en nergens in de gymzaal laten spelen, terwijl de juf net uitlegt wat de bedoeling is van dat specifieke toestellenparcours. Natuurlijk wil Kleine M. ook veel liever met de bal spelen omdat hij die vreselijke ringen vervloekt. Maar als hij over een paar maanden naar school gaat zal hij toch ook dingen moeten doen die hij niet altijd leuk vindt? Moet ik hem dan zijn gang laten gaan? Dan kunnen we net zo goed naar de speeltuin gaan waar hij zelf mag bepalen waar en waarmee hij speelt. Ik betaal niet om rondjes te rennen in een gymzaal, ik betaal in de hoop dat M. zijn schroom overwint en zich zekerder voelt als hij straks naar school gaat. Deze gymles is er juist een van dingen samen doen. Het kan aan mij liggen, maar ik vind dat ik dan als ouder niet mijn kind in de gymzaal mag dumpen om 3 meter verderop me bezig te houden met belangrijker zaken zoals mijn smartphone.

Hulde aan de juf die wekelijks probeert de ouders in plaats van de kinderen het gareel te houden!