Category Archives: Moeder twijfel

Wie niet sterk is…

gymclassMet regelmaat verbaas ik me over de hoge verwachtingen die we van kinderen hebben en dan heb ik het nog niet eens over de druk die wij ze als ouders zelf opleggen. Alleen het goed functioneren in de klas vergt al veel van zo’n kleine kleuter. Ik zal een paar huis-tuin-en-keuken voorbeelden geven, dan snap je meteen wat ik bedoel.

Als beginnende kleuter wordt er van je verwacht dat je zelfstandig naar het toilet kunt. Dit houdt in dat je ook je billen moet kunnen afvegen. Zover zijn we met M. nog niet maar daarvoor heeft hij zelf een oplossing bedacht: grote boodschappen worden alleen thuis gedaan. Oke excuses, ik zal een iets frisser voorbeeld geven.

Lees verder!

Etenst(r)ijd

family eatingWelk kinderhandboek je ook openslaat, ‘men’ zegt dat je aan tafel geen strijd moet leveren als het om eten gaat. En ik ben het met de deskundigen eens, alhoewel het verdraaide lastig is om de strijdbijl onder tafel te laten liggen. Je wilt tenslotte dat je kind een voedzame en gezonde maaltijd binnenkrijgt en daar mag soms best om gestreden worden.

Zelf ben ik niet van het principe ‘zonder eten naar bed’ omdat ik het sneu vind als het kind midden in de nacht wakker wordt door een knorrende maag. Al moet ik toegeven dat ik zelf ’s nachts ook niet wil worden gewekt door het hongergevoel van een ander.

Lees verder!

Dag Muis!

boy with teddy bearVier jaar lang waren M. en zijn knuffel Muis onafscheidelijk. Muis volgde hem als een schaduw, al zijn ze elkaar een paar keer uit het oog verloren.
Als baby wist M. hem al haarfijn te vinden als hij tijdens het slapen in bed was gaan zwerven. Muis ging overal mee naar toe, vierde zijn eigen verjaardag en werd nauwlettend in de gaten gehouden als hij de noodzakelijke tour in de wasmachine kreeg. Het liefst zat M. het hele programma voor de machine, omdat hij er nooit helemaal gerust op was dat zijn kompaan er weer ‘levend’ uit zou komen.

Lees verder!

Een maand zonder mobiel?

mobile phoneMisschien moet ik maar eens een maand afstand doen van mijn mobiel… Bij de gedachte alleen al krijg ik een onaangenaam gevoel in mijn buik. Toch zou het niet eens zo gek zijn. Een maand rust, een maand lang focus op de écht belangrijke zaken in het leven en een maand lang ontspanning voor de pols- en handgewrichten. Alle voordelen ten spijt, het blijft een erg onaantrekkelijk plan. Ik ben, net als zovelen, verknocht aan mijn smartphone. Niet dat mijn telefoon roodgloeiend staat, ik de hele dag Twitter of sms en óók niet omdat mijn Whatsapp bol staat van de actuele groepschats, maar toch ik kan niet zonder.

Lees verder…(op je mobiel?)

Een waterrat met koudwatervrees?

zwemles met haakDe laatste vuurpijlen zijn afgeschoten, de champagne heeft echt haar bubbel verloren, maar rust in het hoofd in dit nieuwe jaar is er nog niet bij. Het eerste dilemma heeft zich alweer aangediend: M. mag beginnen met zwemles.
Eerlijk gezegd schrok ik even toen ik de onderwerpregel van de e-mail las: ‘oproep zwemles voor M.’ Het mopje is nog zo klein en schuchter. Is hij er wel klaar voor om in het diepe gegooid te worden?

Lees verder!

Kerst in joggingbroek?

christmas againHet einde van het jaar nadert en huize Sjors Twijfelt komt langzaam bij, na de stuiterbalweken op school. M. is uitgeteld en ligt in een diepe slaap naast me. Het is half 3 op dinsdagmiddag. Ik had me in deze drukke dagen voor kerst veel nuttiger kunnen maken, maar in plaats daarvan geniet ik van dit moment. Rennen en vliegen doen we straks wel weer en dan een versnelling hoger zodat het allemaal net op tijd klaar is.

Lees verder!

Het flessenpostmeisje

Het had even geduurd maar vanmiddag was het moment dan eindelijk daar: M. had een weerzien met de kleine groene fles die hij anderhalf jaar geleden in zee gooide. Ken je het bijzondere verhaal van de fles nog niet? Lees het dan hier eerst nog even voordat je verder gaat.

De ansichtkaart van de eerlijke (flessenpost-) vindster had de gemoederen flink bezig gehouden. Nog altijd vond ik het moeilijk te geloven dat het écht waar was. Hoe groot is tenslotte de kans dat zo’n fles wordt gevonden?

flesEr waren een aantal weken, wat kaarten en tekeningen overheen gegaan voordat de moeders van de ‘flessengooier’ en de ‘flessenvindster’ een dag afspraken. Op 12 november, nog stuiterend van Sint-Maarten, brak het volgende hoogtepunt in korte tijd aan: we zouden de fles terugzien. En dat daar een meisje bij hoorde was voor M. nog even helemaal niet belangrijk. Die fles had hem anderhalf jaar lang toch niet los gelaten.
Bij binnenkomst was M. weer even Kleine M. zoals hij zich achter me verstopte. Alsof ik het zelf niet spannend vond! Want wie zouden het zijn? En hoe leuk zou de kennismaking worden? Ongemakkelijk met veel stiltes of juist heel ontspannen en gezellig? Ik had die ochtend bloemen gekocht voor de vindster, maar toen de bloemist vroeg of ik rozen in het boeket wilde bekroop me opeens het gevoel dat het misschien wel opdringerig was of onbedoelde verwachtingen zou scheppen. Rozen staan voor liefde, dat leek me niet geschikt. Het ging tenslotte om een ontmoeting van twee kleuters. M. was thuis dus niet de enige die enigszins nerveus was.

Eenmaal binnen stond daar het flessenpostmeisje Z. Een lief vrolijk meisje dat stond te popelen om die mooie, groen glazen schat te laten zien. En ook haar kant van het verhaal bleek een speling van het lot. De dag van de vondst was ze met haar vader gaan strandjutten. Hij had haar net verteld over het fenomeen flessenpost. Iets magisch en ongrijpbaars tot ze vijf minuten later een groen flesje zag liggen. Het briefje dat we destijds hadden gemaakt was nog intact en tijdens het lezen vielen ze van de ene in de andere verbazing. Dit kon toch niet waar zijn? Even oud, in dezelfde straat en ook nog op dezelfde school!
Vanmiddag was voor ons allemaal een bijzonder moment en wat blijkt? Ze hebben meer gemeen dan alleen die fles… Ze droegen vandaag allebei twee verschillende sokken. Niet per ongeluk maar heel bewust elke dag twee verschillende sokken. En waar mijn Kleine M. doorgaans zo schuw is dat hij niet van mijn schoot af durft, ging hij nu (nog net niet huppelend) achter het flessenpostmeisje aan om samen te gaan spelen.
Over het lot, a match made in heaven of andere onrealistisch romantische denkbeelden wil ik het niet hebben maar bijzonder is het zeker!

Ons debuut als moeder en kleuterzoon

Het kon niet uitblijven: het eerste schoolfeest en mijn debuut als ‘de moeder van’. Op de woensdagen dat ik M. van school haal en de verdwaalde introductieavond na, had ik nog weinig interactie gehad met andere ouders. De kinderen ken ik inmiddels allemaal bij naam maar welke ouders daar bij horen, geen idee.

Het kinderboekenfeest werd dus ons ‘debutantenbal’. Niet dat ik nu al op zoek ben naar een geschikte huwbare partner voor mijn kind, maar de druk van zo’n bal is ongetwijfeld net zo hoog. M.’s eerste schoolfeest en mijn eerste presentatie als zijn moeder. Het is gênant om te zeggen, maar ik was nerveus alsof ik op ging voor een auditie. Auditie als ‘die leuke moeder van…’. En op het gebied van eerste indrukken ben ik nooit zo zeker van mijn zaak. Ik ben bijvoorbeeld geen speeltuinmoeder die met ogenschijnlijk gemak koetjes en kalfjes uitwisselt met onbekenden. Soms vind ik dat jammer want het maakt het leven zoveel makkelijker, maar plekken waar ouders samenscholen vind ik niet erg om te mijden. Vier jaar lang ging dat zonder probleem en bleek een maandagochtend perfect voor speeltuinbezoek. De speeltuin voor ons alleen en vooral geen gedoe, prikkende ogen in je rug of (af)keurende blikken. Nu M. aan zijn schoolloopbaan is begonnen, kan ik me echter niet langer verschuilen.

eerste_schoolfeestDe dag van ons debuut brak aan en eenmaal op het schoolplein aangekomen krioelde het van de kinderen en ouders. Ik zag M. naar buiten lopen aan de hand van juf, hij was zichtbaar zenuwachtig. Hier had hij dagen naar uitgekeken. Ter voorbereiding hadden we dagenlang het lied van Kinderen voor Kinderen gedraaid dat bij het feest hoorde.
En nu was het moment daar… Ik stond samen met mijn lieve Kleine M. op het schoolplein tussen al die kinderen. “Dit wordt zijn tweede thuis” schoot er door me heen. De muziek knalde uit de boxen, hét lied deed het schoolplein ontploffen en alle kinderen dansten om het hardst. Het overdonderde M., maar stilletjes genoot hij ook. En ik? Ik werd overmand door emoties en slikte mijn tranen weg. Wat was dit mooi! Ik ben een watje als het om emoties gaat. Opeens overviel me dat spannende gevoel van vroeger als er iets gebeurde op school. De kriebel die je als kind voelde als je bijna op schoolreisje ging, maar ook het lege gevoel dat je overhoudt na zo’n fantastische dag.

Na het lied ging het feest in volle vaart door, er was van alles te doen: van schmink en voorleeskinderen naar een danszaal waar M.’s juf als YouTube DJ fungeerde.
De spanning was verdwenen en het werd tijd dat ik M. het goede voorbeeld gaf. Ik maakte van de gelegenheid gebruik om kennis te maken met een paar moeders. Het moest er toch een keer van komen. En wat bleek? Er zijn eerder meer ouders die net als ik dit soort gelegenheden schuwen dan dat er ouders zijn die op de zeepkist staan. Natuurlijk wist ik dat stiekem wel, maar het is niet eenvoudig voor een debutant als ik.
Na het feest keerden we moe maar voldaan huiswaarts. We staan (een beetje) op de kaart, maar oh wat is dat hard werken!

Angst voor het onbekende

Na een dag werken haalde ik kleine M. op van de naschoolse opvang. Vol verwachting stapte ik van mijn fiets want na een dagenlange verzameling van lege verpakkingen werd er vandaag iets mee geknutseld. M. was die ochtend met een torenhoge tas vertrokken en had ons advies om iets thuis te laten, in de wind geslagen. Hij leek dus veel zin te hebben in de dag.
Terwijl ik met M. op het speelveld een balletje trapte, zag ik kinderen met de grootste kunstwerken naar buiten komen. Ik had de stille hoop ook met een melkpakauto de deur uit te gaan. Niets bleek minder waar… M. had zijn ‘NEE masker’ weer eens opgezet. Hij had die middag niet meegedaan en alle aanmoedigingen ten spijt bleef hij in alle toonaarden weigeren. De leidster keek me met een verontschuldigende blik aan. Ik wist dat zij haar best had gedaan, maar dat mijn kleine weigeraar uit angst voor het onbekende niet te vermurwen was geweest.
Kip en het eiHet is een onzekerheid die hij altijd heeft gehad en het is zo jammer want hij mist daardoor zoveel leuke dingen. Op school lijkt hij die angst richting kinderen niet (meer) te hebben. Hij speelt met Jan en alleman, wordt gevraagd om mee te doen en krijgt hulp als iets niet lukt. Op school zit de angst nog wel in kleine onbekende dingen. Zoals gym in je ondergoed. Al zou ik er niet aan moeten denken om nu in mijn ondergoed te moeten gymen, maar bij M. is het ondergoed niet het probleem.
Zie echter eerst maar eens in je ondergoed te geraken of andersom: krijg na het gymen al je kleren maar weer eens aan. Deze praktische angsten begrijp ik volkomen maar die zijn niet onoverkomelijk en daar kunnen we eenvoudig iets aan doen.

De andere, grotere angst voor het onbekende vind ik lastiger aan te pakken. Ik zoek daarom al lang naar een aansprekend voorbeeld om hem duidelijk te maken dat hij niet bang hoeft te zijn voor nieuwe dingen. Het echte goede verhaal heb ik nog niet gevonden. Tot vandaag…

De dag was voor ons beiden lang geweest en de koelkast vrij leeg, dus besloten we in het restaurant van papa een pannenkoek te eten. Terwijl we de parkeerplaats opfietsen zag ik daar het levende voorbeeld staan, de metafoor voor de onnodig angstige M.! Een voorbeeld in de vorm van… een haan. Een prachtige zwarte met glimmende veren die in eerste instantie trots boven op het kippenhok leek te staan. Maar ook in het land van de kip is niets wat het lijkt. De haan was de nieuwe bewoner tussen een paar kippen en een minuscuul, verschrompelt, vaalwit haantje. En ondanks zijn prachtige pak met veren was hij zo bang dat hij al dagen boven op het kippenhok stond. Hij durfde er niet af uit angst zich te moeten mengen tussen zijn nieuwe medebewoners. “Mama, wat zielig voor die haan” zei M. toen hij het verhaal hoorde. En toen wist ik het; dit is het voorbeeld waarmee we zijn gedrag kunnen spiegelen! M. is tenslotte ook zo’n prachtige haan met glimmende veren die angstig boven op het hok blijft staan.

Onderweg naar huis bracht ik het gesprek nog eens op die arme haan en gaandeweg lardeerde ik daar zijn dag bij de opvang doorheen. Ook al was het een lange dag geweest, hij leek de vergelijking wel te zien. De haan heeft indruk gemaakt en zal hem nog lang bij blijven, hopelijk net zo lang als wij nodig hebben om hem over de drempel naar het onbekende heen te helpen. Nu die arme haan nog… misschien kan M. hem uiteindelijk een handje helpen? Alhoewel… zie M. eerst maar eens dat hok in te krijgen!

Kleutervriendschap en kalverliefde

En daar zat kleine M. opeens stuiterend aan tafel te vertellen over zijn nieuwe beste vriendin Z. Als een verliefde puber vertelde mijn vierjarige over hoe goed Z. kon fietsen, over dat ze samen morgen de hele dag zouden gaan spelen (binnen én buiten!) en dat hij haar de volgende dag zou vertellen dat ze beste vrienden zijn. Het eerste thema op school was overduidelijk ‘vriendschap’. Mooi om een schooljaar mee te beginnen en voor een groentje als M. goed om te leren wat een vriend nou eigenlijk is.

schoolDeze nieuw opgedane kennis bracht echter voor het thuisfront ook een keerzijde met zich mee. Tot de dag dat Z. in beeld kwam, stond ik als moeder namelijk op een voetstuk. Hij vertelde in het weekend dat hij met mij zou trouwen, maar op maandag trouwde hij opeens niet langer met mij maar met haar! Keihard werd ik aan de kant gezet, want “mama, trouwen is toch spelen?” Harteloos bleef hij zijn nieuwe liefde ophemelen terwijl bij elk compliment mijn hart meer en meer verbrijzelde. Na vier jaar moet ik het veld al ruimen voor een leuker, jonger exemplaar. En ik maar denken dat jongens pas in de pubertijd afstand van hun moeder nemen. School leuk? Nou voor moederharten vooral een harde leerschool.

Nee hoor, ik voel me natuurlijk niet echt gepasseerd, maar moet wel erg wennen aan hoe snel hij veranderd. Wij verwachtten maandenlange drama’s want zo was het tot op de laatste dag van de crèche tenslotte ook geweest. Dus hebben we hem in de zomer langzaam en heel bewust voorbereid op het naar school gaan. In dat proces zijn we echter vergeten onszelf voor te bereiden op een mogelijk positief resultaat. Want dat het bijna probleemloos zou verlopen, hadden we niet als optie in ons zorgvuldig uitgestippelde plan opgenomen.
Volgens de juf gaat het goed, al is het moeilijk om haar op haar blauwe ogen te geloven. Het zal echter wel moeten want zelf laat hij bijna niets los. Het gebrek aan informatie en communicatie vanuit M. schijnt er echter bij te horen. “Leg je er bij neer”, luidt het advies van iedereen. Goede raad, maar als je verwacht dat jouw oogappel het zwaar krijgt, dan hoor je het liefst een gedetailleerd verslag van de schooldag.

Is er dan niets leuks voor moeders? Natuurlijk wel!
M. blijkt zijn eigen koers te varen. Doet niets waar hij geen zin in heeft, past zich niet aan om anderen te behagen, maar krijgt door zijn oprechte gedrag wel het vertrouwen van iedereen.
Het muurbloempje van de crèche zal nooit haantje de voorste worden of the leader of the pack maar als hij door zichzelf te zijn toch zijn eigen plek verwerft in de klas dan ben ik een trotse moeder! En sinds hij zijn eerste hart heeft veroverd, vertelt hij opeens honderduit. M. heeft vaste grond onder zijn voeten gekregen en ontdekt langzaam dat hij gezien wordt. Het is een bijzonder proces om van dichtbij mee te maken. Ook al weet je als moeder dat er nog vele hordes komen, vele liefdes zullen volgen en meerdere vriendschappen zullen sneuvelen; de eerste stap als individu heeft hij gezet. Mijn kleine M. staat op de kaart. Al hoop ik natuurlijk nog steeds dat hij later met mij gaat trouwen!

Flessenpost: toeval bestaat niet of toch?

Vanmiddag bij thuiskomst zag ik een ansichtkaart van (zon), zee en strand in onze brievenbus liggen. De kaart intrigeerde me omdat we van alle vakantiegangers toch al een vrolijke zonnige kaart hadden ontvangen.
Ik had de brievenbussleutel niet op zak en was te nieuwsgierig om deze eerst te gaan halen. Onhandig probeerde ik met mijn vingers de kaart uit de bus te peuteren, maar zonder resultaat. Vreemd dat die kaart me zo in zijn greep had, het zag er toch uit als een gewone vakantiekaart. Tot de brievenbus openging…

flessenpostIn een flits zag ik weer dat ontroostbare jongetje voor me die vorig jaar in Noord-Frankrijk zijn fles in zee gooide. In de aanloop naar dat moment hadden we zo veel plezier gehad met de tekening en het briefje. En bij mij waren alle romantische gedachten over flessenpost een eigen leven gaan leiden. Waar zou de fles aanspoelen? Hoe lang zou hij er over doen? En wie zou hem vinden? Kleine M. vond het op het moment suprême echter een stuk minder leuk dan tijdens de voorpret. Het was eind mei aan de kust, maar het voelde eerder als begin november. Koud, nat en het stormde zo hard dat de golven op de kade sloegen. M. was bang geworden door al dat natuurgeweld en de gedachte dat hij zijn kostbare fles in zee achter zou laten was ondragelijk. Samen met opa trotseerde hij de storm en gooiden ze de fles in de kolkende zee. M. was ontroostbaar in de uren daarna. Nooit zou hij zijn fles meer zien! Als troost hebben opa en oma een surrogaat fles gemaakt met tekening én brief, maar gelukkig voor M. zonder het ritueel van de zee.
Het is inmiddels bijna anderhalf jaar later en ik denk er nog wel eens aan. Wat zou het leuk zijn als M. bericht krijgt van de eerlijke vinder! Hij heeft dan een herinnering die hem zijn leven lang zal bij blijven. Tegelijkertijd denk ik dan ook aan al die flessen die dagelijks overal aanspoelen. En hoe toevallig het moet zijn dat degene die hem ziet liggen ook verder kijkt dan de punt van zijn schoen en ziet dat er echt een brief in zit. Nee, zo toevallig zal het niet lopen. Wij zijn te nuchter voor het geloof in wonderen en geluksvogels kun je ons ook niet noemen, dus de flessenpost zal wel nooit ‘boven water komen’.

Tot vandaag…
De kaart intrigeerde me kennelijk niet voor niets. Het bleek een kaart van de eerlijke vinder! Zij had de fles gevonden op het strand van Wijk aan Zee. Vijftien maanden had de fles er over gedaan om van de Noord-Franse kust omhoog de Noordzee op te stromen en veertig kilometer van ons huis aan te spoelen. Vijftien maanden en slechts veertig kilometer van ons vandaan! Dat is al bijzonder te noemen, maar toen ik de kaart verder las, viel mijn mond open van verbazing. Het meisje (ook vier jaar) had de fles met haar vader op het strand gevonden.
Dat de vindster dezelfde leeftijd heeft en op ‘steenworp afstand’ de fles heeft gevonden, lijkt al toeval genoeg. Het kan echter nog net iets gekker, want de vierjarige vindster verhuist over een paar weken niet alleen naar onze stad, maar komt zelfs bij ons in de straat wonen!
Het voelde alsof ik een hoofdprijs had gewonnen, zo’n toeval is toch bizar?! Toeval bestaat niet of misschien toch wel?
Na mijn uitbarsting van euforie stond ik al snel weer met beide benen op de grond. M. zag namelijk helemaal geen toevalligheid in dit toeval. Hij zag maar één voordeel: “ha mama, dan kunnen we mijn fles weer terughalen!”

De eerste schooldag… geen weg meer terug

Weken van geestelijke voorbereiding zijn er aan vooraf gegaan, maar hoe je ook probeert die drempel blijft torenhoog. De eerste schooldag vind ik een mijlpaal met een treurige ondertoon.
Natuurlijk kan ik alleen voor mezelf spreken maar ik vind het maar niks. Ik had Kleine M. nog zo graag klein gehouden. Bijna vier jaar dan zijn ze op hun leukst. Ze hebben humor, zijn gevat, je kunt een gesprek met ze voeren, je hebt vaker je handen vrij en ze zijn zindelijk. En al dat harde werk en al die deksels op je neus worden beloond met een mijlpaal: school. Noem dat maar een mijlpaal!

Nee ik ben natuurlijk niet serieus. Het is belangrijk dat een kind naar school gaat, leert, ziet, beleeft en onderneemt om een zo’n compleet mogelijk mens te worden. Maar afscheid nemen is moeilijk.

first_day_of_schoolVanmorgen was er geen weg meer terug. Zijn nieuwe rugzak gepakt met een banaan en een pakje drinken. Handige schoenen met klittenband aan en een zo goed gemutst humeur als mogelijk op zak. Kleine M. had nog niet gezegd dat hij liever thuis wilde blijven, dus dat was al een kleine overwinning op zich. Eenmaal buiten begon het net te hozen. Niet een paar spetters, nee alle sluizen gingen open. Geen tijd dus om te treuren op de fiets, maar alle zeilen bij en gaan! Kleine M. spoorde de wolken aan om te stoppen met regenen en ik schakelde mijn versnelling een tandje bij. De goede eerste indruk kon ik nu wel vergeten. Als verzopen katten kwamen we de school binnen. Haar als een badmuts om ons hoofd, M.’s bril beslagen en soppend in onze schoenen. Ook goedemorgen! Misschien geen stralende maar we hebben in ieder geval wel een onuitwisbare indruk achtergelaten.

M. liep schoorvoetend door de klas om stilletjes alles in zich op te nemen. Een grote én een kleine bouw hoek, allerhande puzzels, een zandtafel én een keukentje! Ergens achter zijn bedrukte gezicht gloorde nieuwsgierigheid. Het tweede goede teken van de dag.

Hij heeft geen woord gezegd maar door zijn verlegen gedrag (en natuurlijk zijn onmetelijke knapheid), wierpen de meisjes zich al op als kleine moeders. Van top tot teen werd hij bekeken, daar waar ze het andere nieuwe jongetje (een iets te stoere bink) geen blik gunden. Ik zie hier een pluspunt… mocht iets niet lukken: vraag de mini-mama’s. En met de meisjes aan jouw zijde kun je heel ver komen!

Eenmaal thuis leek hij het gesprek over school vakkundig te mijden, al hoorde ik uit zijn kamer vanmiddag opeens een bekend deuntje: “mie ma moetsie, fie fa foetsie…” De extended version van ‘Smakelijk Eten’ was goed blijven hangen.
Dat bleek het laatste goede teken van de dag, want voor het slapen gaan zei M.: “mama, morgen blijf ik liever thuis”. Er volgde een reeks van lukrake redenen om zich uiteindelijk te schikken in zijn lot: morgen moet ik wéér. Lieve M. welkom in de rest van je leven… Geloof me het wordt echt leuk!

Ben ik zelf klaar voor het schoolregime?

Terwijl ik geniet van het weinige fietsverkeer zo vroeg in de ochtend, realiseer ik me dat dit mijn laatste zomervakantie is waarin ik de volle zes weken profiteer van de rust op straat. Na deze vakantie wordt ‘huize Sjors Twijfelt’ ook onderworpen aan het schoolregime. En na deze vakantie zijn ook wij gebonden aan schoolvakantie.

Eén iemand in huis is wel klaar voor school. Kleine M. is namelijk nét vier geworden, gestopt bij het kinderdagverblijf en lijkt vooral veel zin te hebben in een nieuw avontuur. Ik snap het ook wel, want als je hoort dat je elke dag mag spelen, knutselen, gymen en vriendjes gaat maken, dan wil iedereen toch weer naar school?! Wij achterblijvers zien er wel iets meer tegenop. Vijf dagen in de week drukte in de badkamer, boterhammen smeren tegen de klippen op en tijdsdruk, veel tijdsdruk. Ik hoor de schoolbel in mijn herinnering al weer rinkelen…
naarschoolNatuurlijk is het ochtendritueel niet het probleem. Maar de begrenzing van de veilige haven waarin we ons vier jaar lang begaven, wordt opgeheven. Kleine M. zet straks zijn eerste schreden buiten ons pad en wij volgen in zijn kielzog als luizenmoeder, voorleesvader en avondvierdaagsebegeleiders. Dit is het begin van zijn nieuwe leven en hopelijk gaat hij er veel onbezorgd plezier aan beleven. Als moeder van een kleine, verlegen uk maak ik me soms wel zorgen. Want, zal hij vriendjes maken? Zal hij niet worden gepest? Kan hij een beetje meekomen in de les en met gym? M. draagt een bril en zullen die kinderen dat straks tegen hem gebruiken of zullen ze het, net als op de crèche, niet zien?  Kortom ik zie beren op de weg en hoop maar dat het schuchtere eendje uitgroeit tot een mondige zwaan.

En is het erg als ik eigenlijk nog niet zo’n zin heb in de schoolpleinprietpraat? Van die praatjes die nergens over lijken te gaan, maar waarvan ondertussen elk woord op een weegschaal wordt gelegd? We worden beoordeeld, gewogen en te licht, te zwaar of precies goed bevonden. Het lijkt alsof ik zelf weer naar school moet. Met lood in mijn schoenen en knikkende knieën over die metershoge drempel.
Met mijn vriendinnetje L. grappen we vaak over ‘wij sherrymoeders’. Niks geen prietpraat op school, geen taken als luizenmoeder maar ontaarde moeders die hun kind ongewassen de auto uit bonjouren en vervolgens thuis sherry-drinkend de laatste roddels doornemen. Het klinkt als een heerlijke methode om mijn kop in het zand te steken en net te doen alsof het schoolregime niet bestaat. Leuk voor een dag maar zo ontaard zijn we toch ook niet.
Over drie weken moeten we er aan geloven, school begint. Maar eerst nog even genieten van de stilte op straat, het ontbreken van de fietsfiles en genieten van M. nu we hem nog Kleine M. kunnen noemen. Want ook kleine M’etjes worden groot…