Net zo veranderlijk als het weer

Halverwege de herfst gooide ik de werkhanddoek in de ring en nu zijn we alweer halverwege de winter. De tijd raast voorbij, al lijken herfst en winter wel erg op elkaar dit jaar. Mijn gemoed lijkt echter in niets op het vorige jaargetijde. Mijn burn-out seizoen groeit langzaam naar het voorjaar toe. In mijn hoofd is het langer licht, mijn energieniveau stijgt naar zonniger temperaturen en tijdens de fietstochten naar mijn werk voel ik vaker een zachte lentebries in de rug. Dus de betere seizoenen komen eraan!
Verder lezen…

Storm in je hoofd

Geef een storm een naam en hij mag er zijn. Een beetje zoals het label waar ik zo naar op zoek was. Heeft iets een naam dan is het van formaat, heeft iets een naam dan verdient het serieuze aandacht. Net als Ciara, de storm die Nederland in haar greep houdt. Zoals het stormt in het land, zo stormt het soms ook in mijn hoofd. Allerlei gedachten die over elkaar heen buitelen en strijden om de prijs voor de hardste windstoot, de meest onverwachte windvlaag die je van je fietst afblaast.
Verder lezen…

Burn-out of overspannen?


“Joh wat maakt het uit, je kunt niet werken en dat is toch waar het om gaat?”
Nou nee, eigenlijk heb ik behoefte aan een etiket. Want dat etiket geeft mij de legitimatie om even niet te werken, dat etiket helpt mij om de situatie te accepteren en geeft me de rust die nodig is om weer uit de put te klimmen. Bovendien praat het een stuk makkelijker, want het geeft mijn staat van zijn de juiste lading.

Dit stuk is geen klaagzang, geen schreeuw om aandacht maar ik wil je als buitenstaander meenemen in mijn zwoegende hoofd. Een hoofd dat het verlangen heeft om te snappen wat er aan de hand is. En om het te kunnen snappen, ben ik constant aan het analyseren: als dit…dan dat, zodra ik zus dan gebeurt zo, ratel ratel ratel.
Verder lezen…

De dood als piekerthema


“Hoe zou het zijn als ik dood ben, mama?” Huilend kwam M. uit bed omdat hij dacht aan de dood en hoe dat zou zijn. Eerder die avond lazen we in een boek een prachtige (kinder)ode aan een overleden moeder. Ik had M. gevraagd dat stukje voor te lezen, omdat ik de tranen in mijn ogen voelde prikken. Een weinig succesvolle poging om niet te laten merken dat ik moest huilen, want de zoon weet inmiddels beter dan ikzelf wanneer er tranen zullen vloeien. En dus lazen we het samen, knuffelden we elkaar stevig en leek hij goed gemutst te gaan slapen. Verder lezen…

Je hebt het niet alleen


“Maar hoezo ben jij ziek, mama? Je ziet er helemaal niet ziek uit, je hebt geen koorts en geen keelpijn. Ik wil ook wel eens een keer niet naar school!”

Het blijft lastig uitleggen waarom ik tijdelijk niet aan het werk ben, waarom ik ziek ben. Zolang het niet zichtbaar, tastbaar of feitelijk bewezen kan worden, is er ogenschijnlijk niets aan de hand. Constant voel ik dan ook de neiging om mijn thuiszijn te verklaren en te verdedigen. En hoewel je een volwassene prima kunt uitleggen wat er met je aan de hand is en waar die burn-out door ontstaan is, valt dat bij een negenjarige niet mee.
Verder lezen…

Paniek!

“Hij ligt daar in dat veld tussen al die duizenden lampionnen, ik weet het zeker!” Hij is in dit geval mijn fietssleutel en deze blinde paniekreactie is een typisch gevalletje burn-out.

Al een paar maanden ben ik niet aan het werk vanwege burn-out klachten. Waarbij overigens de meningen nogal uiteenlopen als we het hebben over een echte burn-out of niet, maar daar schrijf ik graag in een volgende blog nog eens over. Inmiddels gaat het echt wel beter dan in de eerste twee maanden en zijn er dagen dat ik het gevoel heb weer bijna normaal te functioneren. Zo ook de dag van de fietssleutel. Verder lezen…

Het mooiste kerstpakket ooit

“Wacht even, deze doos is ook nog voor u.” De postbode hield me tegen toen ik weg wilde lopen. Verbouwereerd keek ik hem aan, hoezo was dit pakket voor mij? Ik verwachtte tenslotte niets. Het was een enorme verhuisdoos met als afzender ‘de kerstman’. Ik barstte in lachen uit en bedankte de postbode hartelijk. Mijn enthousiasme werkte aanstekelijk en de man draaide zich lachend om. “Voorzichtig op de trap hoor, want de doos is zwaar” riep hij me nog na. Verder lezen…

Toen moest het licht uit…

Kobal
Het werklicht, bedoel ik.
Al maanden probeerde ik mijn hoofd boven water te houden en vooral niet te laten merken dat ik steeds meer in een wankel kaartenhuis veranderde. Altijd goedlachs, ruimhartig en hard werkend. Alleen was het harde werken meer buffelen geworden en het goedlachse niet meer vanuit mijn hart maar een oppervlakkige lach, omdat dat vooral alles zo goed verbloemde. Verder lezen…

Radiostilte

(Deze muur is onderdeel van werk van Barbara Kruger in het Stedelijk Museum)

Stil was het, heel stil en in mijn beleving zelfs oorverdovend stil. Sjors wist het even niet en ging twijfelend een lange zomer in. Wat wilde ik eigenlijk met Sjors Twijfelt?

Ooit begon ik met twijfels, omdat ik overtuigd was van mijn twijfelende bestaan. Geen keuzes durven maken, wikkend en wegend ploegde ik door het leven. Al schrijvend kwam ik erachter dat het allemaal wel meeviel met het twijfelgedrag. Ondanks dat ik verder van mijn oorspronkelijke idee afdreef, schreef ik steeds meer en heeft het me veel gebracht. Ik heb mezelf door en door leren kennen, durfde steeds meer van mezelf te laten zien en heb geleerd dat mijn intuïtie me nooit in de steek laat.
Verder lezen…

In zijn dromen is hij de tenniskoning


“Engels op school vind ik niet leuk, maar het is wel belangrijk voor als ik later de beste tennisser van de wereld wil worden.”

Onze M. heeft zijn sport gevonden, dat mag duidelijk zijn. Het liefst staat hij elke dag op de tennisbaan en een keer niet trainen of een wedstrijd overslaan is ondenkbaar. In huis gaan de stoelen aan de kant zodat hij een balletje tegen de muur kan slaan en ook spant hij iedereen voor zijn karretje om ergens op een oefenbaantje in de buurt te gaan tennissen. Het is tennis wat de klok slaat en inmiddels heeft hij dus ook een schoolvak omgetoverd tot een bruikbaar hulpmiddel om de beste tennisser van de wereld te worden.
Verder lezen…

Wind door je haren

Vanmorgen zat ik klaar om een nieuw verhaal te schrijven. Het is tenslotte woensdag en elke twee weken post ik dan een blog. Er kwam alleen niets uit mijn vingers. Geen inspiratie, geen onderwerp. Was het leven de laatste weken zo op de automatische piloot aan me voorbijgetrokken, dat ik niets kon bedenken?
Lees verder!

Ruikt als…

Vrijdagochtend half 10 stond ik binnen in een must see feestzaal in Berlijn. Eigenlijk een must do feestzaal, maar bij gebrek aan tijd werd het een must see. De geur van verschraald bier en tien jaar oude sigarettenrook walmde me tegemoet. Geen geur waar je te lang in wilt blijven hangen, maar wel een geur die een stroom aan herinneringen op gang bracht. Het zette me terug in de feesttent op het Starteiland tijdens de Sneekweek. Met mijn nieuwe, gele suède gympen aan stond ik daar het leven te vieren met mijn vriendinnen. Die gele gympen werden zwart, maar de herinnering blijkt zo kleurrijk (of aromatisch) te zijn dat ik ‘m aan de geur kan ophalen.
Lees verder!

Ze zullen wel denken…

“Waarom wil jij eigenlijk niet in het oranje naar school? Iedereen mag in het oranje gekleed voor de Koningsspelen.”
“Nou gewoon niet…”
“Gewoon niet, da’s natuurlijk geen antwoord. Gisteren wilde je nog zo graag en kocht ik speciaal een oranje shirt, maar waarom wil je nu opeens niet meer?”
“Nou, wat als ik de enige ben? Dan zullen ze wel denken.”
Lees verder!

Andermans achtbaan

Op een doorsnee maandagochtend fiets ik de vaste route naar mijn werk. Ik zigzag tussen krioelende fietsende pubers door, sorteer strategisch voor bij het stoplicht en voer het tempo doorgaans nog eens op. Niks anders dan anders, maar gaandeweg de tocht lijkt het alsof er geluiden wegvallen en mijn oren gefocust raken. Gek eigenlijk want het is vooral een grote bak herrie zo ‘s ochtends tijdens het spitsuur in de stad.
Lees verder!

Als een brullende straatvechter

Ze zijn weer begonnen, de zondagochtenden langs de tennisbaan. En ook nu heb ik me voorgenomen om me nergens mee te bemoeien, niet langs de kant te staan roepen en vooral rustig koffie te drinken samen met de andere ouders. Een nobel streven maar in een competitie waar de kinderen zelf de stand bijhouden en beoordelen of een bal in of juist uit is, ontwaakt al snel de straatvechter in mij.
Lees verder!